Het Fann gebergte in Tadzjikistan

Кӯҳҳои Фанн дар Тоҷикистон

In juni organiseren we een prospectiereis in het Fann gebergte van Tadzjikistan. Na de trekking van 8 dagen bezoeken we ook Samarkand in Oezbekistan en vertrekken we van daaruit terug huiswaarts. We zoeken hiervoor enkele deelnemers (max 6) met een goede conditie. De prijs hangt af van de vliegreis op het moment van het boeken en het aantal deelnemers. Het is kostendekkend.

Tadzjikistan is na Buthan en Nepal het hoogst gelegen land ter wereld, gemiddeld ruim boven de 3000m. Ongeveer 90% van Tadzjikistan is bedekt met bergen die zich uitstrekken ten westen van de Himalaya. Slechts enkele delen in het zuiden en verre noorden van Tadzjikistan komen niet boven 1000 meter uit. De hoogste bergen bevinden zich in het oosten van het land, waar zich enkele van de hoogste toppen ter wereld bevinden, tot 7.495 meter. In de noordwestelijke hoek van Tadzjikistan liggen de ruige en prachtige Fann-bergen, een tak van de westelijke Pamir-Alay-bergketen. Het Fann-gebergte heeft  meer dan 30 prachtige bergmeren en een dozijn toppen hoger dan 5.000 m geconcentreerd op een relatief klein gebied van 650 km2.

De regio van het huidige Tadzjikistan heeft een rijke oude geschiedenis. Het maakte deel uit van verschillende Perzische rijken, waaronder het Achaemenidische rijk en het Sassanidische rijk. De Zijderoute, een oud netwerk van handelsroutes die Oost en West met elkaar verbond, liep door het grondgebied van Tadzjikistan. Dit bracht culturele en economische uitwisselingen naar de regio. Onder andere Alexander de Grote en Dzjengis Khan hebben ooit de controle gehad over het huidige Tadzjikistan.

De islam werd in de 7e eeuw in de regio geïntroduceerd en heeft een belangrijke rol gespeeld bij het vormgeven van het culturele en sociale weefsel van Tadzjikistan.

Vanaf 1860 nam het Russische Rijk, onder Alexander II, de controle over de Tadzjiekse gebieden, die destijds deel uitmaakten van het emiraat Bukhara. De Russische invloed en onderdrukking nam in de loop van de jaren toe ondanks groeiende weerstand en pogingen om onafhankelijkheid te verkrijgen.
Tadzjikistan werd in de jaren twintig een deel van de Sovjet-Unie. Tadzjikistan verklaarde zich in 1991 onafhankelijk van de Sovjet-Unie. De eerste jaren van de onafhankelijkheid werden gekenmerkt door een burgeroorlog (1992-1997), die een diepgaande impact op het land had.

Woensdag 26 juni:  Vertrek uit Brussel met Turkish Airlines om 11:25. We landen in Dusjanbe om 01:00 uur op maandag na een tussenlanding in Istanbul.

De hoofdstad Dushanbe (Doesjanbe) is verreweg de dichtstbevolkte stad met bijna 900.000 inwoners. Doesjanbe werd vanaf 1924 planmatig gebouwd op de plaats waar het Rode Leger een dorp had verwoest. Het dorp heette Doesjanbe-bozor, wat in het Perzisch de maandagmarkt betekent. Later werd deze naam verkort tot Doesjanbe (“maandag”). Van 1929 tot 1961 heette de stad Stalinabad. (Hotel ***)


Donderdag 27 juni: Aankomst rond 01:00 uur, transfer naar het hotel. Door het late aankomst uur zullen we laat ontbijten en de tijd gebruiken om geld te wisselen en om eventueel een simkaart aan te kopen. We maken een wandeling door de stad.  (Hotel***)

…. Na 1924 groeide het inwonersaantal flink. In 1925 waren er 6000 inwoners, in 1939 waren dat er al 83.000 en bij de val van de Sovjet-Unie woonden er ongeveer 300.000 mensen in de stad. Ten tijde van de Sovjet-Unie bestond een groot deel van de bevolking van Doesjanbe uit Russen. Sinds de onafhankelijkheid van Tadzjikistan en de daaropvolgende burgeroorlog, zijn de meeste Russen vertrokken en is er een instroom geweest van Tadzjieken uit andere delen van het land. Als een overblijfsel van de Sovjettijd blijft Russisch de lingua franca die door de meeste Tadzjieken goed wordt begrepen. Tadzjieks is echter de officiële landstaal en nauw verwant aan het Perzisch (Farsi). Sterker nog, Tadzjieks en Perzisch zijn in hoge mate onderling verstaanbaar. Oorspronkelijk werd Tadzjieks net als het Perzisch in het Arabische alfabet geschreven, maar tijdens de Sovjettijd werd het schrift omgezet naar het Cyrillische alfabet.


Vrijdag 28 juni: ’s morgens worden we opgepikt en volgt er een rit van een 130 km, ongeveer 3,5 uur, naar Iskanderkul. De weg loopt dwars door de bergen en biedt reeds de eerste mooie uitzichten en panorama’s. Het Iskanderkul-meer is een van de mooiste plekken en vernoemd naar Alexander (Iskander) de Grote – die hier langs kwam tijdens zijn expedities in Centraal-Azië.  Kul betekent meer, Iskanderkul, het meer van Alexander. Aan het meer verlaten we het busje en maken we een wandeling langs de westkant van het meer naar het gastenverblijf in Sarytag waar ondertussen ook onze bagage is aangekomen. (🚐 130 km, wandeling 9 km, 270 m↑, 90 m ↓, guesthouse op 2200 m.)


Zaterdag 29 juni: Na het ontbijt wandelen we terug naar de plaats waar het busje ons komt ophalen. Deze keer wandelen we langs de zuid en oostkant van het meer en op het hoogste punt hebben we een prachtig zicht op het meer.  Na de wandeling wacht ons een rit van een goed uur naar het Alauddin-meer. De rit eindigt in een alpinisten kamp en vanaf daar wandelen we nog enkele kilometers om onze camping aan de oevers van het meer te bereiken ( hoogte 2800m). In de namiddag is er tijd om de omgeving, met verschillende andere meren in de buurt, te verkennen. (wandeling 16km, 660m↑800m↓, 🚐 56 km, wandeling 3 km, tent op 2800 m)


Zondag 30 juni: Vandaag wandelen we van het Alauddinmeer naar het Kulikalon-meer en dit is de  zwaarste klim van de tocht. De Alauddin-pas ligt op een hoogte van bijna 3800m. Met de camping op 2800m hoogte bedraagt de klim ongeveer 1000 meter. Dit maakt het een fysiek inspannende wandeling. Het bereiken van de top van de pas beloont ons met een prachtig uitzicht over Kulikalon aan de ene kant en het Alauddin-meer aan de andere kant. De afdaling brengt ons naar het Kulikalon-plateau op een hoogte van 2850 meter. Dit plateau beschikt over meerdere meren en wordt beschouwd als een van de meest adembenemende plekken van Tadzjikistan. Kulikalon is een waar paradijs voor wildkamperen en dat is precies ons plan voor de nacht. We wandelen langs de Dushokha-meren en het Bijonat-meer voordat we aankomen op de camping aan de oever van het Kulisiyokh-meer. ( 9 km, 980 m↑930 m↓ tent op 2833 m)


Maandag 1 juli: Vandaag hebben we een relatief gemakkelijke wandelervaring, toch vergeleken met de vorige dag. Vanaf de camping leidt onze route ons over het Kulikalon-plateau om het grootste meer te bezoeken. Het is dit meer dat de naam Kulikalon draagt (wat letterlijk ‘groot meer’ betekent in het tadzjieks). Vervolgens daalt het pad af naar de Urech-vallei. We wandelen door de vallei naar beneden tot we de hotelaccommodatie bereiken, waar we overnachten.  ( 8 km, 20m↑1060m↓,  hostel op 1797m)


Dinsdag 2 juli:  In de ochtend wandelen we eerst naar het Chukurak-meer gelegen op een hoogte van 2400 meter. Wie durft kan een verfrissende duik nemen in het meer. Vanaf het Chukurak-meer gaat het pad verder omhoog naar de Guitan-pas op een hoogte van 2650 meter. Daarna daalt het pad terwijl we onze weg vervolgen naar de Archamaidan-vallei. De finish van vandaag is in het dorp Zimtut (1600m), waar we overnachten in een homestay. ( 12 km, 990 m↑ 1170 m↓, homestay op 16250 m)


Woensdag 3 juli: We beginnen de dag met een korte wandeling door de Archamaidan-vallei om het dorp Ghazza (1700m) te bereiken. Vanuit Ghazza is het mogelijk om naar het Nahang-meer te wandelen. Vroeg in het seizoen is de vallei die naar het Nahang-meer leidt vaak bevolkt met talloze herderkampen. De wandeling naar het Nahang-meer is behoorlijk veeleisend, met een opmerkelijk hoogteverschil van 900 meter en een totale afstand van 16 km. Deze wandeling is optioneel, en diegene die moe zijn van de eerste wandeldagen hebben de keuze om in Ghazza te blijven en te ontspannen. (5 km +16 km optioneel, 190 m↑140 m↓, homestay op 1725 m)


Donderdag 4 juli:  Vanuit Ghazza volgen we de loop van de Archamaidan-rivier terwijl de vallei geleidelijk minder bewoond wordt naarmate we hogerop komen. We blijven wandelen door de vallei totdat we Duoba bereiken, het punt waar de rivieren Sarymat en Archamaidan samenkomen. Vanuit Duoba gaan we de Sarymat-vallei in. We zetten onze tenten op aan de voet van de Tavasangpas op een hoogte van ongeveer 2500 meter. ( 18 km, 900 m↑110 m↓, tent op 2485 m)


Vrijdag 5 juli: In de ochtend beginnen we aan onze klim naar de Tavasangpas. De top van de pas ligt op een hoogte van 3300 meter en biedt een prachtig uitzicht op de omliggende bergen. Onderweg passeren we verschillende locale bergdorpjes. We wandelen naar beneden tot we in de namiddag het Hazorchasma-meer bereiken op 2400 meter. Het Hazorchasma-meer is het zevende meer in de Haft Kul vallei (Zeven Meren). We zetten onze tenten op aan de oever van het meer. ( 16 km, 860 m↑950 m↓, tent op 2419 m)


Zaterdag 6 juli:  Onze laatste dag van de trekking. We wandelen van het laatste van de zeven meen naar het vijfde meer, het Khurdak meer. Het is een mooie, niet zo moeilijke wandeling met prachtige uitzichten op de vallei van de 7 meren. Toch wel een hoogtepunt op deze trek. We overnachten in een gastenverblijf in Padrud, bij het meer. (13 km, 480 m↑ 1080 m↓, homestay op 1850 m)


 Zondag 7 juli: Vanuit Padrud rijden we eerst door de Haft-Kul-vallei langs de andere vier meren naar beneden. We nemen onze tijd om te stoppen voor het maken van foto’s. We verlaten de vallei in het noorden en rijden naar de stad Panjakent, waar we overnachten. In de namiddag beginnen we met het verkennen van de stad. (  52 km, hotel***)


Maandag 8 juli: De voormiddag gebruiken we om Panjakent verder te bezoeken.
Panjakent of Pandzjakent (Tadzjieks: Панҷакент) is een stad met zo’n 52.300 inwoners in het westen van Tadzjikistan in de provincie Soeghd. De stad ligt aan de Zeravsjan en nabij de grens met Oezbekistan. In de 4e eeuw was Pandzjakent reeds een belangrijke stad van de Sogdiërs aan de zijderoute. Onder de Heftalieten kwam de stad vanaf de 6e eeuw tot bloei. Toen in de 9e eeuw het belang van de steden Samarkand en Buchara toenam, nam dat van Pandzjakent af en vertrokken de inwoners in grote aantallen. De stad verdween uiteindelijk onder het woestijnzand. De ruïnes van de oude stad liggen aan de rand van de moderne stad. Het belangrijke vogelgebied Sarazm ligt stroomafwaarts van de stad op de begroeide uiterwaarden van de rivier.
In de namiddag komt een busje ons ophalen en steken we de grens over naar Oezbekistan en rijden naar Samarkand waar we 3 nachten blijven. Aankomst in de late namiddag. (🚐 62 km, hotel***)


Dinsdag 9 juli: In Samarkand bevinden zich verscheidene parels uit de Islamitische architectuur. De stad werd door UNESCO tot werelderfgoed verklaard. Deze parels gaan we ontdekken met een gids.

Samarkand werd in de 14e eeuw v. Chr. in de vruchtbare aarde van Serafšān als oase-stad gesticht en is van dezelfde leeftijd als de stad Babylon of Rome. Het is een van de steden op de zijderoute tussen het Midden-Oosten en China, en dankt daar grotendeels ook zijn welvaart aan. Ze is getuige geweest van de veroveringen van Alexander de Grote, de Arabieren, van Genghis-Khan en ten slotte die van Amir Timoer (Timoer Lenk). De cultuur van Samarkand werd vermengd met de Iraanse, Indiase, Mongoolse en een beetje met westerse en oosterse culturen. Het is de op een na grootste stad van Oezbekistan. (hotel***)


Woensdag 10 juli: Deze laatste dag gaan we o.a. het Afrasiab-museum van Samarkand, gelegen naast de archeologische vindplaats bezoeken. Afrasiab, het oudste deel en de ruïne van de oude en middeleeuwse stad Samarkand lag om defensieve redenen op hoge grond, ten zuiden van een riviervallei en ten noorden van een groot vruchtbaar gebied dat nu een deel is van de stad Samarkand. Afrasiab was bewoond vanaf c. 500 voor Christus tot 1220 na Christus voorafgaand aan de Mongoolse invasie in de 13e eeuw. Tegenwoordig is het een heuvelachtige grasheuvel in de buurt van de Bibi Khanaum-moskee. Opgravingen hebben de nu beroemde Afrasiab-fresco’s blootgelegd die zijn tentoongesteld. Daarna zetten we het bezoek aan Samarkand verder, met o.a. het mausoleum Shah-i Zidan en het Ulugh Beg-observatorium. ( hotel***)


Donderdag 11 juli: Onze vlucht vanuit Samarkand naar Istanbul en Brussel vertrekt erg vroeg, om 05:40. Aankomst in Brussel is voorzien om 22:34.